Menu Bel 015 55 00 31 Inloggen
Home Nieuws Lat wordt hoger gelegd voor detachering van buitenlandse werknemers

Lat wordt hoger gelegd voor detachering van buitenlandse werknemers (12/02/2018)

Het Europees gemeenschapsrecht voorziet als logisch basisprincipe dat een werknemer slechts aan één Europees sociaal zekerheidsstelsel tegelijk kan onderworpen worden.

Werknemers uit andere Europese lidstaten die een lange tijd "in België tewerk gesteld worden" kunnen conform de principes van de detacheringsrichtlijn onderworpen blijven aan het - vaak goedkopere - sociaal zekerheidsstelsel van een andere lidstaat.

Hiervoor is wel vereist dat deze detachering aan een aantal voorwaarden voldoet, te weten:

  • Een maximumduur van detachering van 24 maanden, al is deze termijn verlengbaar;
  • De firma in de zendstaat moet substantiële activiteiten behouden in dit land, er wordt gesproken van 25% omzet in de zendstaat;
  • Voor de uitzending naar de werkstaat moet de werknemer, door zijn werkgever reeds een tijdlang onderworpen zijn aan de sociale zekerheid van zendstaat;
  • Er moet een blijvende gezagsband zijn met de buitenlandse werkgever in de zendstaat;
  • De gedetacheerde werknemer mag niet uitgezonden worden ter vervanging van een andere gedetacheerde werknemer wiens buitenlandse activiteiten stoppen.

In het verleden hoefde de Belgische werkgever zich weinig zorgen te maken wanneer de buitenlandse werknemer een formulier A1 (vroeger E101) op zak had, uitgereikt door de Europese zendstaat.

Immers zou dit formulier moeten garanderen dat de overheid van de Europese zendstaat nauwgezet gecontroleerd heeft dat de werknemer terecht onderworpen blijft aan de sociale zekerheid van deze zendstaat.

De bindende kracht van dit A1 formulier zorgde in het verleden wel eens voor frustraties bij de Belgische sociale zekerheidsdiensten.

Geconfronteerd met een klaarblijkelijke frauduleuze detachering, konden zij de betrokken werknemer toch niet onderwerpen aan de Belgische sociale zekerheid wanneer de overheid van de zendstaat weigerde dit formulier in te trekken.

In het verleden bevestigde het Europees hof steeds onverkort het principe van de bindende kracht.

Het zogenaamde 'Altun arrest' van 6 februari 2018 zorgt dan ook voor een ommezwaai.

Het Belgisch bouwbedrijf had amper personeel in dienst en besteedde haar werkzaamheden uit aan een Bulgaarse onderneming, die systematisch arbeidskrachten detacheerde naar België onder dekking van het door Bulgarije uitgereikte A1 formulier.

Uit een Belgisch onderzoek in Bulgarije bleek dat deze bedrijven daar geen noemenswaardige activiteiten hadden, zodat de Bulgaarse overheid gevraagd werd de formulieren in te trekken, waarop deze echter niet in ging.

Het Europees hof besliste nu dat de - in dit geval - Belgische rechter de A1 verklaring buiten beschouwing kan laten en dus de werkgever toch zal kunnen veroordelen wegens ontduiking van de Belgische sociale zekerheid.

Werkgevers kunnen dan ook niet langer blind vertrouwen op  A1 formulieren, maar dienen na te gaan of de detachering werkelijk voldoet aan de Europese regels en niet louter wordt opgezet om de Belgische RSZ betalingen te ontlopen.

Bericht geplaatst door Sven Mertens, Advocaat op 12/02/2018.

Graag op de hoogte blijven en 
uitnodigingen voor onze infosessies ontvangen?

Schrijf in voor onze nieuwsbrief

Om uw surfervaring te verbeteren maakt LM&DS gebruik van cookies. Meer informatie   OK