Nieuwe regels voor koop en dienstverlening, wat verandert er?
01/10/2026
Het nieuwe Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek brengt een grondige modernisering van het bijzondere contractenrecht. Onder meer het recht inzake koop, huur, bruikleen en dienstencontracten krijgt een nieuw kader.
De nieuwe regels zijn inmiddels goedgekeurd door het parlement. De bekendmaking wordt eerstdaags verwacht. 12 maanden later treedt het in werking. Naar verwachting is dat in september 2027.
Wat verandert er concreet? We overlopen alvast belangrijke wijzigingen voor het kooprecht en de dienstenovereenkomsten.
Eén centraal begrip: conformiteit
Een van de belangrijkste vernieuwingen is de invoering van één uniform conformiteitsbegrip.
Het klassieke onderscheid tussen zichtbare en verborgen gebreken verdwijnt. Voortaan moet de verkoper een goed leveren dat zowel beantwoordt aan wat contractueel werd afgesproken als aan wat de koper daar redelijkerwijs van mag verwachten.
Bij die beoordeling spelen onder meer de aard van het goed, de hoedanigheid van de koper, de gebruiken en de concrete omstandigheden een rol.
Belangrijk is dat een conformiteitsgebrek bij de levering minstens in de kiem aanwezig moet zijn. Het gebrek hoeft zich dus nog niet op het ogenblik van de levering daadwerkelijk te manifesteren. In principe is het aan de koper om aan te tonen dat dit het geval was.
Ook de verhouding met andere rechtsfiguren verandert. Een koper zal zich bij een gebrek voortaan in principe niet meer op dwaling kunnen beroepen: dergelijke situaties vallen onder de regeling van de non-conformiteit. Andere wilsgebreken, zoals bedrog, geweld en misbruik van vertrouwen, blijven uiteraard bestaan.
Extra bescherming voor consumenten
Voor consumenten voorziet Boek 7 in een bijkomende bescherming.
Wanneer een conformiteitsgebrek zich binnen twee jaar na de levering manifesteert, wordt vermoed dat het gebrek al bij de levering aanwezig was. De consument hoeft dat dus in principe niet zelf te bewijzen.
Van deze bescherming kan contractueel niet in het nadeel van de consument worden afgeweken.
Drie termijnen om goed in het oog te houden
Bij een conformiteitsgebrek worden drie belangrijke termijnen van belang.
1. Het gebrek moet zich binnen tien jaar manifesteren
Een conformiteitsgebrek moet zich in principe binnen tien jaar na de levering manifesteren.
2. Het gebrek moet tijdig worden gemeld
De koper moet de verkoper informeren zodra hij het gebrek heeft ontdekt of redelijkerwijs had moeten ontdekken.
De melding moet gebeuren binnen een redelijke termijn. Wat redelijk is, zal afhangen van de concrete omstandigheden, zoals de aard van het goed en het gebrek.
Voor consumenten geldt een bijzondere bescherming: een melding binnen twee maanden na de ontdekking van het gebrek is in elk geval tijdig.
Wie te lang wacht met melden, kan zijn rechten verliezen.
3. Daarna begint een verjaringstermijn van twee jaar te lopen
Na de kennisgeving beschikt de koper in principe over twee jaar om een vordering in rechte in te stellen.
Daarnaast geldt een absolute grens van tien jaar en drie maanden na de levering. Die bijkomende drie maanden moeten ervoor zorgen dat een koper ook wanneer een gebrek zich pas helemaal aan het einde van de tienjarige periode manifesteert, nog daadwerkelijk juridische stappen kan ondernemen.
Kort samengevat: het gebrek moet zich binnen tien jaar manifesteren, de koper moet het tijdig melden en heeft vervolgens in principe twee jaar om zijn vordering in te stellen.
Ook voor huur- en dienstencontracten wordt met een gelijkaardig conformiteitsconcept gewerkt, al zijn er belangrijke verschillen. Zo moet een verhuurder bij een huurcontract gedurende de volledige duur van de huur voor conformiteit instaan.
Het risico gaat over bij de levering
Ook de regels over de risico-overdracht veranderen.
Vandaag is het risico in principe gekoppeld aan de eigendomsoverdracht. Boek 7 kiest voor een ander uitgangspunt: het risico gaat over bij de levering.
Tot op het ogenblik van de levering blijft de verkoper dus in principe het risico dragen wanneer het goed verloren gaat of beschadigd raakt.
Bij overeenkomsten tussen ondernemingen (B2B) kunnen partijen hiervan contractueel afwijken. Bij consumentenovereenkomsten is de regeling dwingend zodat hiervan niet in het nadeel van de consument mag worden afgeweken.
Eén algemeen kader voor dienstencontracten
Een andere belangrijke vernieuwing is de invoering van een algemeen regime voor dienstencontracten.
Vandaag bestaat daarvoor geen volledig en uniform wettelijk kader. Afhankelijk van de concrete situatie wordt onder meer teruggevallen op de regels inzake aanneming, lastgeving of bewaargeving, aangevuld met het algemene contractenrecht en de rechtspraak.
Boek 7 brengt hierin meer samenhang.
Er komt één algemeen kader voor dienstencontracten, aangevuld met specifieke regelingen voor onder meer lastgeving, hotelbewaargeving en onroerende bouwwerken, die vandaag grotendeels onder het aannemingsrecht vallen.
Ook voor de bouwsector verandert er heel wat
Voor onroerende bouwwerken bevat Boek 7 verschillende specifieke vernieuwingen.
Zo komen er onder meer regels over:
- de samenwerking tussen opdrachtgever en opdrachtnemer;
- onvoorziene materiële moeilijkheden;
- de dubbele oplevering;
en de rechtstreekse vordering van hulppersonen.
Voor ondernemingen en professionals in de bouwsector is het daarom belangrijk om de nieuwe regels tijdig te vertalen naar hun contracten en algemene voorwaarden.
Tijd om contracten onder de loep te nemen
Wie tijdig aanpast, vermijdt dat oude contractmodellen na de inwerkingtreding niet langer aansluiten bij het nieuwe wettelijke kader.
Bericht geplaatst door T.Desmet & A.Capelle, advocaten op 01/10/2026.
Ik wil een afspraak



